‘Gelukkig hebben we dat Oude Testament gehad!’

Een column voor de tweede doorpraatavond

Velen van jullie hebben tijdens de Bijbelvespers of in e-mailtjes verteld hoe blij jullie zijn dat we al lezend in het Nieuwe Testament zijn aanbeland. Eindelijk zijn we van dat vreemde en moeilijke Oude Testament af!Al die moord en doodslag. Al die duistere passages. Van de haat naar de liefde. Van het duister naar het licht.

Onze moeite met het Oude Testament is niet nieuw. Al in de vroege kerk zat men er mee in z’n maag. Daarmee is de naam Marcion verbonden. Marcion leefde in de tweede eeuw. Hij was de zoon van een Griekse bisschop. Marcion zelf was niet zo’n gelovige. Hij werd zelfs geëxcommuniceerd, nota bene door zijn eigen vader. Hij ging in de zaken en was daarin succesvol. Met het geld dat hij verdiende kocht hij zich in bij de gemeente van Rome. Daar verkondigde hij zijn ideeën over God. Veel succes had hij uiteindelijk niet. In 144 werd hij voor de tweede keer geëxcommuniceerd. Een ongeëvenaarde prestatie in de geschiedenis van de kerk.

Marcion legde wel de vinger op een zere christelijke plek. Hij stelde de wraakzuchtige God van het Oude Testament tegenover de Vader van Jezus Christus, de God van de naastenliefde, zoals we die in het Nieuwe Testament aantreffen. Het grote probleem met het Oude  Testament is ook niet het geweld of de willekeur op zich, maar waar het echt pijnlijk onbegrijpelijk wordt is waar het geweld en de willekeur met God worden verbonden.

Marcion maakte zijn eigen Bijbel. Hij verwierp het Oude Testament en hij verwijderde alle verwijzingen naar het Oude uit het Nieuwe. Wat overbleef was een dun evangelietje en een paar gekuiste brieven van Paulus. Daarmee gaf Marcion meteen ook het argument tegen zijn opvattingen: het Nieuwe Testament is ondenkbaar zonder het Oude. De Bijbel is een weefsel. Als je er draden of stukken uit haal, valt de doek uit elkaar.

Toch is het ook op nog een andere manier de vraag of wij wel zo blij moeten zijn dat we het Oude Testament hebben gehad. En dat heeft niet zozeer met het Oude als wel met het Nieuwe Testament te maken. Hebben wij wel reden om zo blij te zijn met het Nieuwe Testament? Hebben we de verontrustende boodschap van het Nieuwe Testament dan wel verstaan?

Het gaat in het Nieuwe Testament over een God die mens wordt. Dat is op zich iets moois misschien, maar de reden waarom Hij mens wordt is minder positief. Hij wordt geen mens omdat het op aarde zo aardig is of omdat het er onder de mensen zo menselijk aan toe gaat of omdat wij het allemaal zo goed bedoelen. Nee, Gods menswording is kritiek, harde fundamentele kritiek op hoe het er aan toe gaat en hoe wij er aan toe zijn.

En dan is het dus ook nog zo dat wij er kennelijk niet in slagen onze situatie te verbeteren. God zelf moet er aan te pas komen om er nog iets van te maken. En als klap op de vuurpeil blijkt God dan mens te worden om te sterven. Zijn weg loopt dood. God blijkt uiteindelijk een stervende man aan een kruis, een dode aan een martelwerktuig. De vraag is of dat we dat kunnen verdragen, of we dat kunnen hebben. Daar gaat ons idee dat wij best wel aardige en nette mensen zijn. Daar gaat ons idee dat God best wel iets met ons kan beginnen. Het is goedbeschouwd nogal irritant wat er over ons gezegd wordt. En als Gods weg doodloopt, betekent dat ook weinig goeds voor wie Hem willen volgen…

De pretentie, de aanstootgevende pretentie, van het Nieuwe Testament is dat in die ene man uit Nazareth zo’n tweeduizend jaar geleden te midden van dat ene vreemde volk daar in die streek tussen Jordaan en Middellandse Zee de geschiedenis wordt samengevat en de wereld opnieuw is begonnen. Het wordt niet beargumenteerd of bewezen. Het wordt niet aannemelijk gemaakt of voorzichtig gesuggereerd. Nee, het is zo en zie maar dat je er in meegaat.

Het is niet zoals wij denken. De wereld kan niet blijven zoals hij is. Wij kunnen niet blijven wie we zijn. Er is iets zo fundamenteel veranderd in onze werkelijkheid dat wat er eerst was niet meer bestaat, het heeft geen bestaansrecht. En de vraag is of jij bij dat nieuwe hoort. Maak jij deel uit van die nieuwe werkelijkheid, of zit jij nog in die oude werkelijkheid die zeer binnenkort zal verdwijnen? De werkelijkheid waarin het recht van de sterkste geldt, de werkelijkheid waarin wij toch ons best doen en ja, meer kun je toch niet doen? De werkelijkheid die we om ons heen denken te zien.

Gelukkig zijn de armen van geest, de treurenden, de zachtmoedigen, de barmhartigen, de reinen van hart, de vredestichters, de vervolgden, zegt Jezus. Dat is niet mooi, dat is ontwrichtend. Ontwrichtender dan een vreemd of gewelddadige verhaaltje. Als je het Nieuwe Testament echt kent, zou je niets liever dan terug willen naar het Oude!

ds. Jan Willem Stam